Kapsel, het kapsel rond het kniegewricht heeft een taaie, vezelachtige buitenste membraan en een binnenste synoviale membraan, die gewrichtsvocht produceert. Deze vloeistof smeert het gewricht en voedt het kraakbeen welke de uiteinden van de botten in het gewricht bedekt. Talrijke slijmbeurzen of kleine vocht blaasjes zijn als plooien in het kapsel aanwezig rond het kniegewricht. Ze bieden extra flexibiliteit aan het kniegewricht. Gewrichtskraakbeen, kraakbeen is een dun, elastisch bindweefsel dat door schokdemping het bot beschermt. Kraakbeen verzekert ook dat gewrichtsoppervlakken gemakkelijk over elkaar heen glijden wat in een soepele kniebeweging resulteert.

kraakbeen beschadigd met de patellagroef in het dijbeen. Spieren, belangrijke spieren die betrokken zijn bij het kniegewricht zijn de quadriceps en de hamstrings. De quadriceps ligt bovenop het dijbeen aan de voorkant van de knie waar de hamstrings zich aan de achterzijde van het dijbeen bevinden. Maar er zijn veel andere spieren betrokken bij het functioneren van het kniegewricht.

Het kniegewricht (figuur 2) is dus gelegen op de verbinding tussen het dijbeen (femur) en het scheenbeen (tibia). Beiden zijn aan elkaar verbonden met diverse kruisbanden. De knieschijf (patella) bevindt zich aan de voorzijde van het kniegewricht. Het gewricht bestaat uit 3 onderdelen: het mediale compartiment, de binnenste helft van de knie (1) het laterale compartiment, de buitenste helft van de knie (2) het patellofemorale compartiment, het deel achter de knieschijf (3). Om uw knieprobleem beter te begrijpen is het van belang dat u het functioneren van het kniegewricht begrijpt. Het kniegewricht is omgeven door een kapsel met gewrichtsvloeistof welke het gewricht smeert. Kruisbanden binden het binnen- en buitendeel van het gewricht en kruisen ook binnen het gewricht. Deze kruisbanden zorgen voor stabiliteit en sterkte van het kniegewricht. Het kniegewricht bevat ook een meniscus. Dit c-vormige weefsel past tussen het dij- en scheenbeen en helpt het kniegewricht te beschermen en maakt het de botten mogelijk vrij op elkaar te schuiven. Knieproblemen ontstaan wanneer een of meerdere van de volgende onderdelen van het kniegewricht beschadigd of geïrriteerd raken:.

kraakbeen beschadigd

Kan beschadigd kraakbeen herstellen?


De knie (figuur 1) is een scharniergewricht bestaande uit twee botdelen; het scheenbeen en het dijbeen. De uiteinden zijn bedekt met een laagje kraakbeen. Deze laag is elastisch en vangt schokken en stoten op, zodat de knie in staat is soepel te bewegen. Aan de binnen- en buitenzijde van de knie zit een meniscus en fungeert als een soort stootkussen. Midden in het kniegewricht ligt de voorste kruisband. Deze voorkomt dat het onderbeen tijdens het lopen en het maken van draaibewegingen naar voren schiet. Knie, om uw knieprobleem beter te begrijpen is het van belang dat u het functioneren van het kniegewricht begrijpt. Schade nadelen of slijtage aan een deel van de knie kan een negatieve invloed hebben op de lichaamsbeweging en daardoor zelfs uw lichaamsgewicht beïnvloeden. Deze schade of slijtage kan optreden aan de botten, de spieren, het kraakbeen of de gewrichtsbanden.

Kraakbeen - rpv s-Hertogenbosch


Voordeel van aci is dat er net zo veel kraakbeencellen gekweekt kunnen worden als er nodig zijn; daardoor kunnen ook beschadigingen behandeld worden die groter zijn dan 4 cm2. Een nadeel is dat er eerst kraakbeencellen moeten worden afgenomen via een artroscopie; dat betekent dus twee operaties in plaats van. Zoals gezegd zijn er verschillende methodes om de kraakbeencellen in te planten. Hieronder wordt een aantal besproken. Aci-p, p staat voor periost; periost betekent beenvlies. . Bij deze procedure wordt een stukje beenvlies weggenomen, meestal ergens van het dijbeen. . Dit lapje wordt aangebracht op de aangetaste plaats. . Vervolgens worden de gekweekte kraakbeencellen eronder gespoten. . deze procedure heeft een aantal nadelen: Het is een technisch moeilijk uit te voeren operatie.

kraakbeen beschadigd

Het voordeel van deze operatie is dat het slechts én ingreep betreft die relatief eenvoudig en goedkoop is, en kan herhaald worden als het fibreuze kraakbeen weer is afgesleten. Deze methode is minder effectief bij oudere mensen, bij mensen met overgewicht en bij beschadigingen die groter zijn dan 2 cm2. Osteochondrale autologe Transplantatie (oat osteochondraal betekent kraakbeen met het onderliggende bot; autoloog wil zeggen dat het van de persoon zelf afkomstig. Wat er vampier gebeurt bij deze transplantatie, is dat er staafjes hyalien kraakbeen inclusief het onderliggende bot weggehaald worden van een gedeelte van het kraakbeenoppervlak dat weinig gewicht draagt. Die pluggen worden geïmplanteerd in het beschadigde gebied. Deze methode wordt ook wel mozaïekplastiek genoemd en kan gebruikt worden voor beschadigingen tot 4 cm2.

Het voordeel is dat er hyalien kraakbeen geproduceerd wordt; het nadeel is dat er maar beperkt donormateriaal aanwezig is, vandaar de grens van 4 cm2, en dat er klachten kunnen ontstaan op de plaats waar het donormateriaal vandaan is gehaald. . Het is technisch gezien een lastige ingreep, die nog maar zelden wordt toegepast. Dit is dezelfde techniek als hierboven beschreven bij de oat, maar met het grote verschil dat er donorkraakbeen van een overleden donor wordt gebruikt. De nadelen van deze methode zijn dat dit vreemde weefsel minder goed wordt aanvaard door het lichaam en dat het de risicos van ziekte-overdracht en infectiegevaar met zich meebrengt. . In Nederland gaan de beschikbare kraakbeenweefsels van overleden donoren overigens met voorrang naar kankerpatiënten. Autologe Chondrocyten Implantatie (aci chondrocyten zijn kraakbeencellen. Onder de noemer aci vallen verschillende technieken waarbij de eigen (autologe) kraakbeencellen buiten het lichaam opgekweekt worden en vervolgens op de beschadigde plek geïmplanteerd worden.

Stamceltherapie - behandeling van artrose met stamcellen


Ook de verbinding tussen de linker en rechter bekkenhelft bestaat uit fibreus kraakbeen. . Fibreus kraakbeen is wit. Wanneer hyalien kraakbeen tot op het bot beschadigd is, komt er soms door de bloedtoevoer uit het bot daaronder kraakbeenherstel op gang. Dat nieuwe kraakbeen is dan wel fibreus kraakbeen. Fibreus kraakbeen kan wel tot minder pijnklachten aanleiding geven, maar het is minder geschikt om de rol van hyalien kraakbeen over te nemen.

Beenmergstimulatie, het hierboven beschreven kraakbeenherstel heeft geleid tot verschillende vormen van beenmergstimulatie om een dergelijk herstel op gang te brengen. Fibreus kraakbeen op het bot is tenslotte beter dan helemaal geen kraakbeen. Eén van die methoden is microfractuurchirurgie. Hierbij worden kleine gaatjes geprikt in het bot onder het aangetaste kraakbeen. Dit wordt gedaan via een kijkgatoperatie, in geval van een knie of een ander gewricht ook wel artroscopie genoemd. Eerst wordt het beschadigde kraakbeen verwijderd, en dan worden er met een priem kleine gaatjes geprikt in het onderliggende bot.

Kraakbeenslijtage en artrose - rpa janssen orthopedisch chirurg

De plekken in de knie die het meest te lijden hebben van beschadigingen aan het kraakbeen, zijn de knobbels aan de onderkant van het dijbeen, die in medische terminologie de femurcondylen worden genoemd. . ook de knieschijf en het glijvlak waar deze in spoort, zijn dikwijls betrokken. De rode plekken zijn het kale bot waar geen kraakbeen meer op zit. Twee soorten kraakbeen, we onderscheiden twee relevante soorten kraakbeen: Gewrichtskraakbeen. De botten in gezonde gewrichten zijn bedekt met nederland hyalien aziatische kraakbeen, ook wel glasachtig kraakbeen genoemd. Het is wit en halfdoorschijnend en maakt het oppervlak van de botten heel glad zodat ze soepel kunnen bewegen in het gewricht. Wanneer dit hyaliene kraakbeen beschadigd raakt, groeit het nauwelijks aan, met als gevolg dat de beweging minder soepel en mogelijk ook pijnlijk wordt. Het tweede soort kraakbeen is fibreus kraakbeen. . Daarvan zijn bijvoorbeeld de tussenwervelschijven gemaakt.

kraakbeen beschadigd

Kraakbeen, binnenzijde - de knie

Dat maakt onderdeel uit van het netwerk van aderen. Het fungeert als het afvoersysteem van het lichaam). Als beschadigingen van het kraakbeenoppervlak een zekere afmeting overschrijden, genezen ze nauwelijks en kunnen ze bijdragen aan het vroegtijdig ontstaan van artrose. Daarom zijn er verschillende therapeutische strategieën ontwikkeld om beschadigd gewrichtskraakbeen te genezen. Het meeste onderzoek is binnenuit gedaan naar letsel in het kniegewricht, omdat de knie het kwetsbaarste gewricht. Wat we met deze onderzoeken geleerd hebben, kan in de toekomst ook van toepassing zijn op andere gewrichten, zoals de heup en de schouder. . Veel sporters hebben last van knieblessures.

We streven ernaar dat die ook in Nederland op korte termijn beschikbaar zullen zijn. De essentie van deze methodes is het herstel van beschadigd kraakbeen. Kraakbeenletsel, kraakbeen is een in dikte variërende laag op het uiteinde van een botstuk in een gewricht. De dikte kan variëren van dunner dan 1 mm (in hand- en voetgewrichten) tot soms meer dan 7 mm (centraal op de achterzijde van de knieschijf). Dit kraakbeen is qua consistentie en uiterlijk te vergelijken met een laagje kokos: het is glad en drukvast, maar onder ongunstige omstandigheden ook erg kwetsbaar. . Gewrichtskraakbeen heeft bij volwassenen slechts beperkte mogelijkheden tot herstel, omdat kraakbeen geen zenuwen, bloedvaten en lymfe-afvoer bevat. (Lymfevocht circuleert door het lymfevatenstelsel.

ArtroseBlog - online artrose magazine voor mensen die verder

Is artrose te genezen? Artrose, in de volksmond slijtage in een of meer gewrichten, is het late gevolg van een opgelopen kraakbeenbeschadiging. Er wordt op het moment onderzoek gedaan naar technieken om beschadigingen te genezen en daardoor, wie weet, artrose in de toekomst te voorkomen. . de verschillende technieken die nu gebruikt worden om kraakbeenbeschadigingen te repareren, zijn vooralsnog bedoeld voor jongere mensen (in ieder geval onder de 55 jaar) met recent letsel. Eén van de redenen daarvoor is dat oud letsel minder goed reageert op behandeling. Dat is waarschijnlijk ook de reden waarom de nieuwe technieken nog niet worden ingezet bij mensen die al gevorderde artrose ontwikkeld hebben. Maar je weet nooit waar deze onderzoeken op den duur toe leiden, daarom volgt Stichting Artrose zorg deze ontwikkelingen met belangstelling. . In deze nieuwsbrief geven we u een overzicht van enkele technieken die nu worden toegepast, en van een aantal nieuwe technieken.

Kraakbeen beschadigd
Rated 4/5 based on 607 reviews